|
|
Cola en chips
In het buitenland kan ik in een grote supermarkt helemaal uit mijn dak gaan. Als mijn gezin me niet af en toe aan mijn jasje trekt, kan ik uren ronddolen. Allemaal andere potjes kruiden, bouillonblokjes van paddestoelen, mooie olijfolie uit de streek en vaak een hele grote visafdeling. Zo relaxed als ik in zo’n supermarche langs de schappen kuier, zo snel moet het in Nederland gaan. In mijn eigen supermarkt weet ik precies wat ik moet hebben. Volgens een vaste routine vul ik mijn karretje. Eerst de melk en yoghurt, dan de groente en de andere spullen. Maar hoe efficient ik mijn karretje ook vul, boodschappen doen is een totaal inefficiënte bezigheid. Staat alles in je karretje, moet het bij de kassa weer op de band, van de band in tas of krat. En dan ben je er nog niet. Want thuis moet alles weer opgeruimd. Uit de krat, in de kast. Het zou natuurlijk schelen wanneer ik mijn boodschappen zou laten bezorgen. Ik mis in ieder geval de stress van het inpakken waarbij je nooit zo snel bent als de cassiëre scant.
Maar het wachten bij de kassa heeft wel een leuke bijkomstigheid. Ik kan stiekem loeren naar wat andere mensen op de band leggen. Dat zou je beroepsdeformatie kunnen noemen. Maar de conclusies die ik trek zijn natuurlijk totaal niet wetenschappelijk verantwoord. Stoommaaltijd, vers vruchtensapje uit de koeling, chocola, witte wijn? Vrouw van een jaar of dertig die ’s avonds gaat buizen. Diepvriesfrites, fristi, smeerkaas, witbrood en superzoete kinderkwarkjes? Moeder van moeilijke eters! Megabak lasagne, borrelnoten en krat bier? Hongerige bouwvakker die ’s avonds voetbal gaat kijken! Loeren is niet netjes maar gezond eten is mijn vak. Dan is een beetje checken om je heen niet zo gek. Toch?
Ik dacht eigenlijk dat ik de enige was die dit soort inschattingen maakte. Laatst deed ik echter een boodschapje met mijn zoon. Wij waren al bijna klaar toen achter ons een jongen van een jaar of twintig zijn boodschappen op de band legde. Toen mijn zoon de cola en de chips zag keek hij nog eens van de jongen naar de boodschappen. Het summum van lekker eten in de ogen van een jongen van zeven. Toen flapte mijn zoon eruit: “Zo hee! Heb jij een feestje vanavond ofzo?” Gelukkig kreeg hij als antwoord op zijn nieuwsgierigheid een bulderende lach.
Yneke Vocking
2005
|
|